4 scenario's waarmee jij materiaal kan besparen in jouw product!

Gek eigenlijk dat we regelmatig onderdelen weggooien die nog helemaal goed zijn!

Sta jij als bedrijf stil of dit ook voor jouw producten geldt?

Laatst moesten de ruitenwissers van ons Volkswagen T2 busje vervangen worden. Ik heb heel vlijtig de rubbers eruit gehaald, het deel dat slijt en stuk gaat, best logisch toch? Toen ik op zoek ging naar vervangende onderdelen kwam ik er al snel achter dat dit niet zo logisch was. Je kunt alleen volledig ruitenwissers, met behuizing en al krijgen, en geen losse rubbers.

Dan denk ik, een deel dat bij bijna elke APK vervangen en weggegooid wordt, op elke auto in Nederland kan heel wat materiaalbesparing opleveren.

“Alleen moet jij dat als fabrikant mogelijk maken voor jouw klanten!”

Bij circulaire economie wordt er meestal gedacht aan recycling, zonde eigenlijk! Hergebruik biedt een hoogwaardige oplossing aan, omdat je hoger op de R-ladder blijft. En de stappen die nodig zijn voor recycling overslaat. Denk hierbij aan scheiden, schoonmaken, omsmelten en opnieuw produceren tot een product of onderdeel. Deze stappen kost je nog geld ook, want alle bedrijven die erbij betrokken zijn moeten ergens aan verdienen. Dat geld zou je kunnen besparen of op een andere manier kunnen inzetten, wat beter bijdraagt aan onze toekomstige circulaire economie.

Het doel bij hergebruik is om de ruitenwisserbehuizing opnieuw te gebruiken en alleen het deel wat daadwerkelijk slijt (de consumabele) te vervangen, in dit geval het rubber.

Hergebruik kun je op verschillende manieren vormgeven, hieronder volgen 4 scenario’s aan de hand van het ruitenwisser voorbeeld. Maar dit zou natuurlijk ook voor elk ander product kunnen gelden.

Scenario 1, vervanging door consument:

Stel je biedt als fabrikant alleen het rubber aan en maakt het mogelijk dat de consument deze zelf vervangt in de wisserbehuizing. Als producent verbruik je hiermee minder materiaal en hoef je een onderdeel minder te produceren. Hierdoor zal de kostprijs lager uitkomen waarna de verkoopprijs zou kunnen dalen. Wat het goedkoper en aantrekkelijker maakt voor de consument, en ook nog beter voor het milieu.

Als Nederlander, die toch wel bekend staat om zijn zuinigheid, zou ik het wel weten, ik zou overstappen naar het merk die deze constructie aanbiedt.

Mocht het nodig zijn dat er een kwaliteitscontrole moet plaatsvinden, dan zou je garagehouders een aantal controlepunten kunnen meegeven, waarmee ze kunnen beoordelen of de behuizing nog voldoet. Zij zouden dit bij vervanging of bij de APK mee kunnen nemen.

Deze vorm van reuse zou je ook kunnen zien ook kunnen zien als reduce.
Een ontwerpstrategie die gericht is op het reduceren van de hoeveelheid materiaal wat in een product gebruikt wordt. Want op bovenstaande manier verminder je het materiaal van de consumabele, het deel wat regelmatig vervangen moet worden.

Scenario 2, refurbished producten aanbieden:

Stel je neemt als fabrikant de ruitenwissers terug en zet de behuizing weer opnieuw in, als een refurbished product, tegen een lagere prijs. Je houdt op deze manier controle over de kwaliteit en zou daarmee ook garantie kunnen geven.

Je zou hiervoor een lokaal servicepunt kunnen opzetten om de rubbers te vervangen.
Maar kan er ook voor kiezen dit door de door jou opgeleide en daarmee “erkende garagehouders” te laten uitvoeren.

Scenario 3, re-manufacturing:

In tegenstelling tot refurbishen ga je bij remanufacturen het onderdeel als fabrikant zelf uit elkaar halen, voorzien van kwaliteitscontrole, en als nieuw onderdeel inzetten in je eigen productie. Dit kan jou als fabrikant een besparing opleveren op jouw inkoop van onderdelen.

De extra arbeid die hiervoor plaatsvindt, weegt niet altijd op tegen de besparing die het oplevert. Het volledig automatiseren ofwel investeren in een machine die de-assembleert en automatisch weer assembleert, zou haalbaar dat kunnen maken.

Een andere overweging die je hierin mee kan nemen is dat jij als bedrijf minder primaire materialen inkoopt wat bijdraagt aan duurzaamheidsdoelstellingen die komende jaren gaan gelden in verschillende branches. Zo zijn ze binnen de EU bezig met wetgeving waarin de fabrikant een percentage gerecycled materiaal moet gebruiken in zijn producten. In veel gevallen betekent dit dat er een grotere hoeveelheid recyclet materiaal beschikbaar moet komen. De enige manier waarop dit haalbaar is, is dat de producten uit jouw branche ook gerecycled worden. Hergebruik daarentegen vermindert de hoeveelheid primaire materialen, die nodig zijn, nog meer. Want je hoeft het onderdeel niet opnieuw te produceren. Zonde dus om hier niet mee aan de slag te gaan.

Scenario 4, systeemverandering en standaardisatie:

Wat als je het vanuit een groter plaatje bekijkt, vanuit het systeem waarin dit plaatsvindt.

Stel je dat jullie gezamenlijk als auto-industrie branche besluiten om ruitenwissers te gaan standaardiseren. Alle rubbers en aansluitingen zijn hetzelfde waardoor er 1 TYPE rubber verkocht wordt wat op elke ruitenwisser past. Met een TYPE aansluiting die eenvoudig door de consument of garagehouder te vervangen is. Neem ons voorbeeld de industriestandaard voor elektronica, Waarin alle fabrikanten naar USB-C overgegaan zijn. Of de stekkers van elektrische auto’s die ook allemaal eenzelfde aansluiting hebben. Dit heeft het voor de consument een stuk gemakkelijker gemaakt omdat er nog maar één TYPE kabel nodig is om al je apparatuur/auto op te laden. Maar het heeft het ook mogelijk gemaakt dat er een beter laadnetwerk opgezet kan worden omdat elke laadpaal dezelfde aansluiting heeft.

Een industriestandaard voor ruitenwissers, zou het voor garagehouders een stuk makkelijker maken. Ze hoeven niet meer tientallen merken en varianten aan ruitenwissers op voorraad te hebben. Maar nog maar 1 TYPE rubber. Die zij zelf op maat kunnen maken, passend voor de ruitenwisser lengte die nodig is.

Binnen deze scenario’s zie je vaak terug dat de uitdaging ligt in de organisatie en het bekostigen van het retoursysteem. Toch zie je dat steeds meer koplopers hier wel op inzetten. Dit laat zien dat het terughalen van producten en/of onderdelen mogelijk is. Neem als voorbeeld Schwalbe banden, fietsenmakers kunnen binnenbanden terugsturen zodat hier weer nieuwe binnenbanden van gemaakt worden. Als consument kun je je binnenband bij de fietsenmaker inleveren en meeliften in het systeem wat al opgezet is.Ook Philips heeft een recyclingprogramma voor opzetstukjes voor hun elektronische tandenborstels. Zij doen dit via de partner Terracycle.

Ik hoor vaak terug dat bedrijven wel willen maar niet weten waar ze moeten starten. En merk daarbij dat ze vastzitten in het denkpatroon van de lineaire economie en het systeem waarin we nu zitten. De gedachte “we doen het al jarenlang zo en dat is winstgevend, waarom zouden we dat veranderen”.

Maar is dit in de toekomstige circulaire economie ook nog winstgevend?

Circulaire economie is de situatie anders benaderen en anders naar een systeem kijken. Kleine stapjes als recycling gaat het verschil niet brengen. Het is zeker essentieel want elk product is een keer versleten. En gelukkig wordt hier al veel aan gewerkt.

Maar alleen door onze systemen anders in te richten en strategieën als langer gebruik en hergebruik ook mee te nemen gaan we de doelstelling 100% circulair in 2050 ook echt halen. Zo waren ook de adviezen uit het Circularity Gab Report 2023 dat Circle Economy begin dit jaar uitbracht.

Wil jij dat ik meedenk in wat er mogelijk is voor jouw producten? Dat ik jou help om anders naar het systeem te kijken? Neem gerust eens contact op voor een vrijblijvende kennismaking.

posted 31 juli 2023


Waarom denken we niet meer in systemen?

Van 97 gram naar 2,2 kilo aan verpakkingsmateriaal.

De nieuwe bezorger:

Sinds kort wordt mijn maaltijdbox bezorgd door een andere bezorger, deze is goedkoper dat was de reden. Maar na de eerste bezorging kwam ik er achter dat ik wel 22 x zo veel verpakkingsmateriaal in huis had. Van 3 papieren tassen naar een doos, opvulmateriaal en 2 koelpacks en 3 papieren tassen. Dus goedkoper voor de bezorging maar duurder voor Moeder-aarde.

Volgens de klantenservice kon al het verpakkingsmateriaal gerecycled worden. Dat is in ieder geval fijn.

  Al zou ik zeggen alles wat je niet gebruikt hoeft niet geproduceerd en gerecycled te worden.

Maar ik heb het materiaal in huis dus eens uitzoeken, hoe zit het met recyclebaarheid en in welk “afval/recyle” bak horen ze thuis?Het karton/papier komt wel goed, wel onhandig dat mijn papierbak meteen vol zit, maar dat zal gewoon gerecycled worden.

Maar de koelpacks, daar heb ik mijn vraagtekens bij.

De eerste 2 verdwenen in mijn vriezer, best handig om eens een extra koelelement te hebben #resuse. Volgens de producent zijn de koelpacks recyclebaar, dus bij de 2e levering toch eens uitzoeken wat ik hiervoor moet doen. Want als ik de koelpacks in zijn geheel weggooi, samengestelde materialen dus bij het restafval, gaat dit naar mijn weten verbrand worden.

Wat kan/moet ik als consument doen om een product te recyclen?

De koelgel kan ik bij de planten in de tuin doen. Heel goed dat er geen schadelijke stoffen in deze gel zitten, maar wat hebben mijn planten er aan? En heb ik dan over enkele weken een grote gel-smurrie in mijn kleine postzegel tuin? Ook de Gft-bak leek mee geen goed plan. Want wat is de toevoeging voor de compost? Om niet te spreken van de vieze smurrie die ontstaat in de bak. Wegspoelen dan maar, door de wasbak was niet echt succesvol. Om de dikke smurrie weg te spoelen was behoorlijk wat warm water nodig.

Maar het resultaat was een lege met koelgel bedekte verpakking. Volgens de producend mag een lege verpakking zonder gel bij het oud papier. Oké dan moet ik de lege koelpack verpakking dus gaan afwassen en drogen, want nat vervuild papier zorgt voor schimmel en vervuilingen van het oud papier. Maar hoe duurzaam is dat als ik dit thuis moet gaan afspoelen? En daarnaast is het gelamineerd papier, papier met een plastic laagje. Wat volgens mij niet in het oud papier thuis hoort.

En denken ze echt dat het realistisch is dat de consument deze hoeveelheid handelingen gaat uitvoeren?

Ontwerpen na de realiteit:

Op dit soort momenten vraag ik me echt af wanneer we eens gaan ontwerpen naar de realiteit? Dat je als bedrijf gaat na denken over vragen als:

  • Kloppen mijn claims ook in de systemen waarin mijn producten gebruikt worden?
  • Wat gebeurt in de verschillende gebruiksscenario’s?
  • Worden de koelpacks zoveel mogelijk hergebruikt voor deze gerecycled worden?
  • En als de niet hergebruikt worden, zullen ze dan gerecycled worden?

In plaats van wat theoretisch mogelijk is en hier dan een claim op leggen. “Onze koelpacks kunnen hergebruikt en gerecycled worden”

Hierbij denk je als klant dat je een duurzaam product koopt, maar in praktijk is dit een stuk minder rooskleurig.

De vraag stellen is de eerste stap om tot meer systeeminzicht te komen.

Zou je als bedrijf niet de verantwoordelijkheid kunnen nemen om je klanten te adviseren in hoe je de producten op een duurzame manier kunt gebruiken? Om zo de claims werkelijkheid te laten worden?

En dit als klant ook aan je leveranciers vragen, bij mij gaan de koelpacks in deze keten gebruikt worden? Worden ze dan ook gerecycled?

Of als ik voor jullie duurzame bezorging kies en ik mijn klant belast met meer verpakkingsmateriaal, is dit dan duurzamer dan koeltransport of bezorging met herbruikbare koelelementen en kratjes?

Natuurlijk zijn dit soort vagen niet zo makkelijk te beantwoorden. Maar door de vraag wel te stellen en het hele systeem/ de keten te bekijken van productie tot eind gebruik kun je dit samen wel gaan uitzoeken en invullen. En daarmee ook weer meerwaarde creëren voor je andere en nieuwe klanten.

Voor mij is nu de oplossing dat ik 2 euro meer betaal voor een bezorging op een andere dag door de oude bezorger. En daarmee 2 kilo aan verpakkingsmateriaal bespaar en ik mezelf ook nog gemak bezorg. Omdat ik geen extra keer naar de papierbak hoef en niet 2 koelpacks hoef leeg te knijpen en schoon te spoelen.

Van uit Let’s go Circular zet ik me in om meer in systemen te denken, om de stap te maken naar circulair denken en doen. Om zo de milieu-impact van jouw product te verlagen. Meer weten? Stuur gerust een berichtje.


Waarom circulaire ontwerpstrategieën gebruiken?

6 Circulaire ontwerpstrategieën

In mijn voorgaande blog, Waarom circulair ontwerpen? heb ik jullie al verteld, wat circulair ontwerpen voor mij is. Dat in de lineaire economie de ontwerpfocus op de productie en verkoopfase ligt. En dat ik als circulair ontwerper kijk naar de hele cirkel van grondstofwinning tot eindgebruik. Daarnaast neem ik naast winstgevendheid van bedrijven ook de winstgevendheid voor het milieu mee.

Maar waar begin je, en welke strategie van circulair ontwerpen is passend voor jou?

Daarvoor gebruik ik de circulaire ontwerpstrategieën uit het boek “Products That Last”, geschreven door Conny Bakker.
Vanuit een onderzoek aan de TU delft zijn er in dit boek zes ontwerpstrategieën uitgewerkt.

1. Hechting en Vertrouwen
2. Duurzaamheid
3. Gemak van Onderhoud en Reparatie
4. Aanpasbaarheid en Opwaardeerbaarheid
5. Standaardisatie en Compatibiliteit
6. Demontage en Re assemblage

Zoals de titel van het boek al verraadt, zijn alle ontwerpstrategieën erop gericht om een product zo lang mogelijk mee te laten gaan. “Nu hoor ik jullie al bijna denken, ja leuk dat ik ervoor kan zogen dat mijn product straks 15 jaar i.p.v. 5 jaar meegaat, maar waar verdien ik mijn geld dan mee?”

Daarvoor zijn er circulaire businessmodellen. Naast de zes ontwerpstrategieën worden in het boek ook vijf van deze circulaire businessmodellen behandeld. Deze laten zien hoe je na de verkoop van jouw product (toch nog) geld kan verdienen met dit product. Of hoe je op een andere manier geld kan verdienen, denk aan het PAAS model (Product As A Service).

­­­Voor nu wil ik jullie meenemen in de circulaire ontwerpstrategieën. Ik ga jullie uitleggen wat je met een ontwerpstrategie kan behalen, maar vooral waarom je hem zou inzetten. Ook leg ik je uit welke businesskans je kunt creëren door een circulaire ontwerpstrategie toe te passen.

Ontwerpstrategie 1: Hechting en Vertrouwen

Wat is het doel:

Bij deze strategie wil je ervoor zorgen dat de gebruiker jouw product zo lang mogelijk blijft gebruiken. Belangrijk is dat ze een emotionele band opbouwen met jouw product. Het klinkt heel simpel, maar dit is één van de lastigste strategieën om toe te passen.

Wanneer toepassen:

Hechting en vertrouwen is relevant wanneer jij een product hebt dat langer meegaat dan dat de klant hem gebruikt. Want dan wordt de gehele levenscyclus van jouw product niet benut en gaat er waarde verloren door dat het product in de kast blijft liggen of vroegtijdig weggedaan wordt.

De praktische invulling hierin is om materialen te gebruiken die door gebruik mooier worden. Hiermee bedoel ik dat de historie en het verhaal van het product gaat leven, de gebruiker het product met trots wil laten zien en dat de gebruiker wil vertellen wat het verhaal is van het product.

De inzet van gerecyclede materialen of reststromen met en (goed) verhaal draagt hieraan bij. Denk aan een tafel gemaakt van stadshout uit het park om de hoek. Het is een verhaal dat de consument zal vertellen wanneer hij mensen op bezoek heeft. Je wilt inspelen op het gevoel van de gebruiker, de klant verleiden om te kiezen vanuit emotie, zodat ze blij worden wanneer ze jouw product zien of gebruiken.

Designklassiekers zijn een heel mooi voorbeeld hiervan. Wat zij vaak gemeen hebben is dat ze gemaakt zijn uit mooi materialen in combinatie met een eenvoudig en logisch design. Hieronder een mooi voorbeeld van het effect van deze ontwerpstrategie vanuit de consument/klant bekeken:

Afgelopen zomer heb ik me laten verleiden om een 50 jaar oude Volkswagen Transporter busje aan te schaffen. Je kent het waarschijnlijk wel, als je een product aanschaft maak je een lijstje met wensen waar deze aan moet voldoen. Wat je minimaal in je busje, auto, computer, enz. wil hebben.

Ik had er één op marktplaats gevonden en deze voldeed niet helemaal aan het gemaakte lijstje, maar toch zag het busje er leuk uit. Dus ben ik hem gaan bekijken: Ik kwam aanrijden op de motor. Ik reed de hoek om en zag het busje al staan. Wit met strepen op de zijkant, een band voorop zijn ronde neus. Een ijzeren bagagerek met een surfplank op het dak.  Ik doe de deur open: een mooi houten custom made interieur met mosgroene stoel bekleding, raampjes aan alle kanten en een heerlijke lichtinval met uitzicht om te werken in de natuur. Ik kijk omhoog en zie een plafond dat is afgewerkt met latjes. De randen waren speels afgewerkt met bamboestokken.

Oh ja, ik wilde eigenlijk een hefdak zodat ik er recht op in kan staan, een verlengde uitvoering zodat je een lekker ruim bed en zitje hebt en ……
Ik kan je vertellen dat ik veel van deze wensen heb laten varen. Omdat de charme van het ontwerp het heeft gewonnen van het praktische zaken en de wensen van mijn lijstje. Maar toch krijg ik elke keer als ik hem zie een glimlach op mijn gezicht en zo gauw ik wegrijd, krijg ik direct een vakantiegevoel!

Als je dat kunt creëren, heb je deze ontwerpstrategie zeker succesvol toegepast.

Nu denk ik niet dat ze 50 jaar geleden bij Volkswagen al nagedacht hebben over de hechting van hun producten. Maar wel wilden ze dat je hun Transporterbusjes kon vertrouwen, dat je helemaal gewend raakt aan hun aan hun product en niets anders mee wil dan een Volkswagen bus.

Ontwerpstrategie 2: Duurzaamheid

Wat is het doel:

Met deze ontwerpstrategie probeer je de zwakste schakels uit je product te verwijderen en streef je naar optimale product betrouwbaarheid.

Wanneer toepassen:

De ontwerpstrategie duurzaamheid is relevant wanneer jij een product hebt dat zijn economische levensduur niet bereikt door een technische oorzaak.

Neem als voorbeeld Swapfiets. Wie in één van de grote steden woont, kent ze zeker. De fietsen die opeens overal stonden met van die blauwe voorbanden. Toen Swapfiets startte, kochten zij wat fietsen die ze gingen verhuren/leasen. Met als onderscheidend model het bieden van service. “Heb jij als huurder een defecte fiets dan komen wij dit binnen een uur voor jou oplossen. Jouw kapotte fiets komen wij “swappen” met een hele fiets.

In het begin hebben ze veel problemen gehad met lekke banden en defecte lichten. Dit heeft hun veel geld gekost, want als jij voor elk defect lampje en lege batterij iemand langs moet sturen gaat hier veel arbeid in zitten. De economische levensduur van het lampje en de band is hier langer dan de technische levensduur.

Swapfiets is toen samen met hun leveranciers, lampjes en banden gaan ontwikkelen die langer meegaan. Door dus de zwakste schakel uit hun product te halen, was er geen of minder onderhoud nodig. Hiermee kon Swapfiets geld besparen op service en het gebruikersplezier van hun klanten vergroten. Want ondanks dat ze het snel komen oplossen, is geen problemen ervaren altijd nog een betere ervaring dan wel problemen ervaren.

De oplettende lezer heeft hier al opgemerkt dat hier een ander verdienmodel langs kwam, namelijk lease in plaats van verkoop. Een defect product is hier dus geen nieuwe verkoopkans is maar een kostenpost. Dit laat zien dat investeren in een degelijk en duurzaam product in dit geval door de ontwerpstrategie “duurzaamheid” op de lange termijn snel terugverdiend is.

Beeld: ©Swapfiets

Ontwerpstrategie 3: Gemak van Onderhoud en Reparatie

Wat is het doel:

De essentie van deze ontwerpstrategie is om het product zo te ontwerpen dat het product makkelijk te onderhouden en te repareren is, en bij voorkeur door de gebruiker zelf. Dat jij bijvoorbeeld zelf de batterij van je telefoon (die nu eenmaal slijt) kan vervangen. Het aanbieden van reserveonderdelen is hierbij essentieel.

Wanneer toepassen:

Deze ontwerpstrategie is relevant wanneer jij een product hebt dat zijn economische levensduur niet bereikt door slijtage van onderdelen.

Bij de ontwerpstrategie ”Duurzaamheid” wil je de zwakste schakel weghalen. Echter is dit niet altijd mogelijk, omdat je tijdens het gebruiken van het product te maken hebt met slijtage. Denk bijvoorbeeld aan een telefoon. Een product dat tegenwoordig iedereen heeft en waar we niet zonder mee kunnen leven. We weten allemaal dat de batterij een keer op raakt of dat een scherm een keer stuk gaat. En toch kost het vaak 100-300 euro om een reparatie te laten uitvoeren, laat staan dat je dit eenvoudig zelf zou kunnen.

Andere voorbeelden zijn tandwielen, lagers, banden etc. Door deze repareerbaar te maken zorg je ervoor dat onderdelen met eenvoudige tools (die bijgeleverd worden of in een standaard huishouden aanwezig zijn) zelf te vervangen zijn. Door ook onderhoud mogelijk te maken (denk bijvoorbeeld aan het smeren of reinigen) en de gebruiker hier goed over te informeren, voorkom je overbodige slijtage of een defect van onderdelen. Als een product gemakkelijk te onderhouden en te repareren is, gaat deze simpelweg langer mee en hoeft de gebruiker minder snel een nieuw of vervangend product aan te schaffen.

Het voordeel voor jou als bedrijf is dat de waarde van het product hoger blijft. Want als een product goed onderhouden wordt, ­­­blijft de kwaliteit van een product langer behouden en blijft de waarde van het product automatisch hoger. Als de waarde van een product hoger blijft, is men (vaak) ook bereid om een hogere aankoopprijs te betalen.

Deze ontwerpstrategie speelt in het voorbeeld van Swapfiets ook een grote rol. Hoe makkelijker ze het defect van fietsen kunnen repareren, des te goedkoper is de service die Swapfiets aanbiedt. Makkelijker betekent in dit geval ook sneller. Arbeidskosten in Nederlands zijn hoog, dus sneller is goedkoper.

Maar ook voor het Volkswagenbusje was deze ontwerpstrategie essentieel. Voor deze busjes zijn nog steeds veel reserveonderdelen te verkrijgen. En door de “eenvoudige” techniek in de auto blijft het busje goed (zelf) te repareren.

Je ziet in beide voorbeelden dat een combinatie van meerdere ontwerpstrategieën bij elkaar komt. In de praktijk is dat bijna altijd het geval. Juist deze combinaties versterken elkaar, want als het VW-busje niet te repareren was, zou het er niet meer geweest zijn of het zou in zo’n slechte staat zijn dat het zijn aantrekkingskracht verliest.

Het zelf kunnen repareren is ook waar het bedrijf Fairphone op ingespeeld heeft. Door de telefoon op te delen in modules en de bevestigingsmethode te kiezen met schroeven en klikken, kan elke consument zelf een batterij of scherm vervangen, ook de niet-technische mensen onder ons. De Fairphone ontvangt dan ook niet voor niets een repareerbaarheidscijfer 10 uit 10 op het platform iFixit wat al jaren streeft naar recht op repareerbaarheid voor de consument.

Door repareerbaarheid vanaf het begin in je ontwerpspecificaties mee te nemen, ben ik ervan overtuigd dat je dit ook economisch haalbaar kan maken. Deze strategie is naar mijn mening voor alle producten die meermalig gebruikt worden een must. Het is niet toekomstbestendig als producten niet gerepareerd kunnen worden.

Beeld: ©FairPhone

Ontwerpstrategie 4: Aanpasbaarheid en Opwaardeerbaarheid 

Wat is het doel:

Deze ontwerpstrategie heeft alles te maken met het product zo ontwerpen dat het mogelijk is om het product aan te passen en op te waarderen aan de wensen van de gebruiker, tijdens de hele levensduur. Zo hoeft niet het hele product vervangen te worden, maar alleen één of meerdere onderdelen, waardoor de klant weer over de nieuwste versie beschikt en tevreden wordt gesteld en kan het product langer gebruikt worden.

Wanneer toepassen:

Heb jij te maken met snelle (technologische) innovatie? Dan is deze ontwerpstrategie interessant. Want wat als je je product kan opwaarderen naar de nieuwste ontwikkeling zonder een compleet nieuw product aan te hoeven schaffen? Een telefoon is hiervan een goed voorbeeld. Wanneer er in de ontwerpfase rekening wordt gehouden met de levensduur van de telefoon (zoals bij de Fairphone), kan de telefoon in de toekomst geüpgraded worden met de nieuwste software en hardware.

Naast dat producten van Fairphone goed te repareren zijn, bieden ze bij enkele modellen ook al upgrades aan. Door bijvoorbeeld een camera upgrade of een uitbereiding van het geheugen. Hierdoor kan een telefoon nog langer meegaan.

Ook een kinderwagen is een product waar deze ontwerpstrategie mooi bij past.

In de tijd dat ik voor Joolz werkte heb ik versteld gestaan dat marktplaats een van de grootste concurrenten werd. Veel kinderwagens worden doorverkocht en als bedrijf verdiende wij daar niets meer aan. Maar wat als wij vervangende stoffering aanbieden zodat de nieuwe gebruiker een schone wagen heeft of de kleur kan vervangen naar zijn wensen? Of dat consument een wiegje of zitje kan kopen met de nieuwste features? Dan zouden wij hier nog inkomsten uithalen en het product kan met plezier nog langer gebruikt worden.

De stoffering kon al losgehaald worden dus we zouden er alleen voor moeten zorgen dat de nieuwe uitvoeringen dezelfde maten zouden hebben. En dat deze onderdelen uit voorraad te bestellen zouden zijn.

Dit klinkt heel simpel maar dat is het natuurlijk niet, je creëert nieuwe ontwerpbeperkingen want onderdelen moeten uitwisselbaar blijven. En logistiek vraagt dit ook om een grote aanpassing want je hebt opeens allemaal onderdelen op voorraad nodig en dozen om deze onderdelen in te verzenden. En een goede logistieke partner en een portal om de bestellingen en het voorraad beheer soepel te laten lopen.

Maar het mooie is dat je nu, zo’n 3,5 jaar later, een “refresh set” kan kopen, en dat onderdelen online na te bestellen zijn. Bij zowel Joolz als Bugaboo, 2 van Nederlands grootste Kinderwagenproducenten.

Maar je kan ook je product zo ontwerpen dat deze kan meegroeien met de behoefde van je gebruiker. Zo heef het merk Wishbone een loopfiets ontworpen die met je kind meegroeit van 1 tot 5 jaar. Het is eerst een driewieler, en als je kind kan balanceren kun je hem ombouwen tot een loopfiets met 2 wielen. En daarbij het zadel op 2 verschillende hoogtes in te stellen zodat het kind altijd veilig en comfortabel bij de grond kan. Op deze manier gaat het product langer mee en wordt er materiaal bespaard en uiteindelijk ook geld en tijd.

Deze ontwerpstrategie is dus erg interessant wanneer je te maken hebt met een veranderende klantbehoefte of met snelle (technologische) innovatie.

Beeld: ©Wishbone

Ontwerpstrategie 5: Standaardisatie en Compatibiliteit

Wat is het doel:

Het product zo ontwerpen dat deze beter past op andere producten en onderdelen, dat is kortgezegd wat het doel is van deze ontwerpstrategie.

Wanneer toepassen:

Marktconforme standaardisatie:
Denk bijvoorbeeld aan de USB-aansluiting die ze hebben gestandaardiseerd tot usb-C, zodat kabels en apparaten makkelijker aansluitbaar en uitwisselbaar zijn. In deze vorm ga je uit van een marktconforme standaard. Als je het mij vraagt een erg duurzame oplossing, aangezien er nu minder oplaadkabels geproduceerd hoeven te worden.

Maar wat is nu het milieuvoordeel van marktconforme standaardisatie? Dat dit gemak voor de gebruiker oplevert is snel zichtbaar. We hebben niet meer vijf soorten kabeltjes nodig voor je elektronische apparaten. Het is fijn dat een stekker en een aansluiting in heel Nederland hetzelfde is… en dat een AA-batterij niet per merk verschillend is.

Standaardisatie is op zichzelf dan ook niet duurzaam, maar jij als bedrijf kan het wel gebruiken om jouw product duurzaam te maken. Zo zie je dat sommige telefoonmerken niet meer standaard een oplaadkabel en adapter bij hun telefoons leveren. Simpel omdat de meeste mensen nog wel een stuk of drie kabels in huis hebben liggen die ze niet gebruiken. Hetzelfde geldt voor oordopjes, hoeveel oude oordopjes heb jij wel niet in huis liggen die je eigenlijk niet meer gebruikt?

Natuurlijk kun je het product nog wel los aanbieden, maar je levert dan deze extra’s zoals een oplader en oordopjes niet standaard meer mee. Een voordeel daarin is ook dat je het product waar het om gaat goedkoper kan aanbieden. Of je kunt korting aanbieden wanneer de consument geen adapter erbij bestelt. Wij Nederlanders zijn nou eenmaal dol op korting ;).

Productrange of interne standaardisatie:
Hierbij kan je denken dat je je hele product range standaardiseert, zodat je verschillende onderdelen in meerderde producten of productuitvoeringen kan gebruiken.

Een mooi voorbeeld hiervan is Damen Shipyard, zij hebben een breed portfolio aan schepen. Door meer te gaan werken met een basisversie en met basisonderdelen hoeft Damen Shipyard minder verschillende soorten onderdelen op voorraad te hebben. Daarbij kan er bij deze strategie ook meer gebruik gemaakt worden van een volumevoordeel bij de inkoop van onderdelen.
Dit klikt heel logisch en binnen een productserie wordt dit ook vaak al wel gedaan. Maar dit is een grotere uitdaging wanneer je dit wil toepassen op al je producten. Toch ga je juist dan een voordeel ermee behalen.

Bekijk je het milieuperspectief vanuit interne standaardisatie dan liggen hier hele mooie kansen als jij je eigen producten of onderdelen weer wilt gaan hergebruiken. Als onderdelen in verschillende productseries/configuraties worden verwerkt, kun jij deze snel weer opnieuw inzetten en heb je een snellere doorlooptijd met minder opslagruimte nodig. Dit maakt het economisch haalbaarder.

Modulair systeem door Standaardisatie en Compatibiliteit:
Als je te maken hebt met een veranderende klantbehoefte, kan deze ontwerp strategie ook interessant zijn. Denk bijvoorbeeld aan kantoorruimtes, wanneer de projectteam samenstellingen veranderd, waardoor er opeens een andere kantoorindeling gewenst is. Of je moet opeens vergaderruimtes met 1,5 meter afstand hebben. En kleine video belhokjes zodat je collega’s rustig kunnen werken als jij in een call zit. Of je kiest juist voor kleine concentratieruimtes.

Hier is het bedrijf Bow op ingesprongen, zij bieden een standaard kantoormodule aan die uit te bereiden is. Doordat de connecties van deze modules gestandaardiseerd zijn kun je de elementen oneindig met elkaar combineren. Of je nu een eenpersoons belruimte of een 20- persoons projectruimte wil, dit is allemaal mogelijk en je zou het 2 maanden later weer anders kunnen indelen.

Deze flexibiliteit scheelt dit veel bouwmaterialen en jij hebt een product waar de klant lang mee kan doen. En het ombouwen zou dan een dienst kunnen zijn waarmee langere tijd nog geld verdiend kan worden op het al reeds verkochte product.

Beeld: ©Bow

Ontwerpstrategie 6: Demontage en Re-assemblage

Wat is het doel:

Bij ontwerp voor demontage en hermontage wordt het product zo ontworpen dat je onderdelen eenvoudig kan demonteren en re-assembleren met behoud van de oorspronkelijke functie. Wat inhoudt dat onderdelen en materialen eenvoudig los te halen zijn.

Wanneer toepassen:

Bij producten met een hoge waarde van onderdelen of materialen kan het economisch interessant zijn om je eigen producten terug te halen voor hergebruik. Zo kan de waarde die nog in je product zit hergebruikt worden.

De aanleiding voor deze ontwerp strategie kan ook te maken hebben met duurzaamheidsdoelstellingen als “optimalisatie voor recycling”. Dan leg je met name de nadruk op demontage, zodat het product eenvoudig te demonteren is en zodat materialen hierdoor goed te scheiden zijn. Zo kun je hoogwaardige recycling mogelijk maken.

Als je onderdelen wil hergebruiken is het relevant dat het product demonteerbaar is en dat de onderdelen opnieuw te assembleren zijn. Het is van belang dat je het onderdeel in goede staat opnieuw kan inzetten en dat je hierbij de arbeidstijd zo kort mogelijk kan houden. In Nederland is de arbeidstijd toch vaak bepalend voor de kostprijs en daarmee de haalbaarheid. Met een kortere arbeidstijd wordt je product dus betaalbaarder voor de consument.

Maar ook als je (kostbare) materialen willen terugwinnen uit jouw eigen producten of je product wil optimaliseren voor recycling is het belangrijk dat dit op een economisch haalbare manier kan. Hoe meer een product hiervoor wordt ontworpen, hoe hoger de waarde van de reststroom kan blijven.

Een mooi voorbeeld hierin is blijft de circulaire matras van Auping. De aanleiding is de 1,5 miljoen matrassen die jaarlijks in Nederland weggegooid worden. De materialen uit deze matrassen zijn door de gebruikte lijmverbindingen niet te scheiden en materialen slecht of niet te recyclen. Auping heeft het hele ontwerp omgegooid en wisten hun hun materiaal gebruik terug te brengen tot 3 materialen polyester, staal en vilt. Alle 3 materialen die goed herbruikbaar of recyclebaar zijn. En door gebruik te maken van een omkeerbare lijm zijn de verschillende lagen in de matras weer van elkaar te verwijderen.

De uitdaging voor Auping is nu om het retoursysteem op te zetten. Een demontagelijn, waarin de matras verwarmd wordt zodat de lijmlaag loslaat en onderdelen en materialen gescheiden kunnen worden. Maar ook een systeem waarmee ze gaan beoordelen dat onderdelen zoals de pocket veren nog een leven mee kunnen. Zodat alleen de defecte en versleten veren echt gerecycled hoeven te worden.  Gelukkig hebben ze nog een aantal jaar voordat de 10 jaar levensduur van matrassen om zijn en de eerste matrassen terugkomen.

Beeld: ©Auping

Het combineren van ontwerpstrategieën

In praktijk zie je dat veel ontwerpstrategieën gecombineerd worden. Wanneer je voor de één kiest, kun je met kleine effort ook het voordeel van de andere strategieën meenemen. Het combineren van de strategieën zorgt zelfs voor een versterking. Hierdoor zorg je ervoor dat je op een circulaire manier duurzame waarde creëert voor je klant én voor je bedrijf. En het leukste is dat je ook nog eens een bijdrage levert aan het ontwikkelen van een betere wereld!

Wil je weten wat circulair ontwerp voor je kan betekenen?  Stuur een bericht of bel, ik help je graag.


Wat is circulair productontwerp en wat kun je er mee?

Waarom circulair ontwerpen?

De afgelopen jaar is de down-side van economische welvaart en de daarmee gepaard gaande consumptiemaatschappij zichtbaar geworden.

We zien dat de grondstofwinning, reststromen uit de productie en de verwerking van onze afgedankte producten een grote impact heeft op onze leefomgeving. Maar het grootste deel hiervan is voor ons (hier in het westen) eigenlijk al niet meer zo zichtbaar omdat deze activiteiten verplaats zijn naar de andere kant van de wereld.

Daarnaast zien we ook dat grondstofvoorraden op raken. Voor mij was de infographic “How much is left for me?“ van plan C ter zijner tijd een eyeopener. Dat een deel van onze grondstoffen binnen 100 jaar op zullen zijn. En dit gaat om grondstoffen die in bijna alle gebruiksproducten toegepast worden. Zoals olie -> basis voor kunststoffen, metalen zoals goud en koper -> essentieel voor onze printplaten in alle elektronica. Kijk nu eens om je heen hoeveel producten zie jij die deze materialen bevatten?

Ik zit achter mijn computer en zou mijn bingo kaart goed vol hebben, laptop, beeldscherm, toetsenboord, muis, koptelefoon, pennen, kabels, bank codegenerator, zonnebril, theekan (en dat is alleen mijn bureau nog maar).

Wat mij dit zegt? Dat we beter om moeten gaan met de materialen die tot onze beschikking hebben.

Ik als ontwerper, maar ook jij als bedrijf kan invloed uitoefenen op welke materialen we in het product gebruiken. Hoelang we gebruikmaken van het product (dus hoe lang deze materialen in gebruik zijn) en uiteindelijk hoe makkelijk (en daarmee economisch rendabel) het is om deze materialen aan het eind van de levensduur uit het “afvalstroom” terug te winnen.

Nederland heeft de ambities om in 2030 voor 50% circulair te zijn en in 2050 100% en zal komende jaren hierop gaan sturen in beleid en met regelgeving (zie ook Rijksoverheid). Dus ik pleit er altijd voor om circulariteit meenemen in je huidige ontwikkeling, dit is voordeliger dan door regelgeving verplicht aanpassingen te moeten doorvoeren.

Wat is circulair productontwerp (voor mij)?

Een goede vraag en misschien ook wel de reden dat jij dit blog leest. Daarom wil ik jullie meenemen in wat circulair ontwerpen voor mij is en wat het anders maakt om als circulair ontwerper te werken.

Voordat ik mij een aantal jaar geleden richtte op circulair ontwerpen. Had ik binnen het ontwerpproces, bij de bedrijven waar ik werkte, met name te maken de factoren klantwens (lees hoe kan ik het product zo maken dat deze goed verkoopt), maakbaarheid en kostprijs. En in meer of mindere mate met duurzaamheidsdoelstelling als minder materiaal gebruiken of minder plastic en lucht in de verpakking. Heel logisch en waarschijnlijk ook herkenbaar, want dit waar onze huidige (lineaire) economie op ingesteld is. Door producten te ontwerpen die klanten willen verdien jij als ondernemers per slot van rekening je brood.

Als je naar de keten van een product kijkt (zie onderstaande afbeelding) wordt daarmee de hoofd focus bij product/productie en verkoop geplaatst.

linaire focus ontwerpproces

circulaire ontwerp focus

En houden wij ons minder vaak of niet bezig met de materiaal winning, einde gebruik en het verlengen van de gebruiksfase. En het grote verschil met circulair ontwerpen zoals ik het nu doe, vergeleken met het “klassieke ontwerp” is dat ik naar nu de ‘hele’ productketen kijk, van grondstofwinning tot einde gebruik.

Als ontwerper krijg ik daarmee meer inzicht in wat waar materialen vandaan komen en wat er na de verkoop mee gebeurt.  En vanuit dit inzicht heb ik meer opties om te sturen op behoud van materialen in de kringloop en het verlagen van de milieu-impact. Maar dit biedt voor jouw bedrijf ook nieuwe business kansen!

Kansen van circulair ontwerpen en hoe kun jij hier op sturen?

Elke fase in de keten (als hierboven getoond) biedt kansen voor verbetering. De productsamenstelling, de situatie hoe deze geproduceerd wordt en waar deze verkocht wordt, bepaalt welke circulaire kansen voor jou passend zijn.

Voor een bedrijf wat dure componenten in zijn product verwerkt kan het economisch en ecologisch interessant zijn om producten terug te halen (door terugkoop regelingen of lease modellen). Zodat deze “dure” componenten nog een keer gebruik kunnen worden, bespaart dit op de inkoopkosten en heb je minder nieuwe materialen nodig. (zie voorbeeld Volvo Remanufacturing of Mud jeans)

Verkoopt jouw bedrijf producten die bestaan uit relatief goedkope componenten en heb je een wereldwijde afzetmarkt dan is de transport impact en kosten van het terug halen van jouw producten hoger dan wat de waarde die het oplevert. In zo’n geval liggen circulaire kansen in de keuze van materialen bij het ontwerp. Dus welke materialen gebruik je en hoe kun je het ontwerp aanpassen, zodat deze bij einde gebruik optimaal gerecycled kan worden. Hou hier wel rekening met jouw afzetmarkt, hoe de recycling systemen daar ingericht zijn, dit is meestal heel anders dan hier in Nederland. (zie voorbeeld Curver Ecolife range of de circulaire matras van Auping)

Zelf kun je op deze manier ook met circulair ontwerp aan de slag gaan. Door deze “product ketenbenadering” in je productontwikkelingsproces mee te nemen. Hiervoor hebt je inzicht nodig waar jouw grondstoffen vandaan komen maar ook waar ze naar toe gaan.  Wat gebeurt er mee tijdens gebruik en kun jij als bedrijf hier nog wat aan toevoegen? Een extra verkoop moment? Een service contract?

Met dit inzicht kun je bepalen in welke fase in de keten er grote milieu-impact plaatsvindt en waar het dus interessant is om een aanpassing door te voeren.

Is dit bij in de materiaalkeuze van jouw product? Kies dan voor grondstoffen die minder vervuilend zijn in de winning en productie of voor materialen van hernieuwbare bronnen (bio-based materialen/plastics). Of nog mooier ga voor het toepassen van recyclede materialen (lees ook mijn blog aan de slag met recyclaat, recyclede kunststoffen).

Of tijdens productie: Wat valt op in je productieproces, zijn hier nog verbeteringen aan te brengen? Denk hierbij aan het opnieuw inzetten van productie-afkeur, knipverlies, proefspuitingen. Dit wordt niet altijd geassocieerd met Circulair ontwerp, maar is het naar mijn mening zeker wel.  Je sluit je eigen kringloop zodat ‘reststromen materiaal’ in eigen fabriek weer opnieuw ingezet kan worden.

Zo liggen er in elke fase in de keten, van input tot einde gebruik, kansen waar jij als bedrijf op kan sturen met de ontwerpkeuzes die je maakt. Ik hoop dat je naar het lezen van dit blog circulair ontwerp gaat meenemen in je ontwikkelingsproces. Als je nog vragen hebt neem dan vooral contact op.


Wil jij aan de slag met recyclede kunststoffen?

Met deze 5 tips kies jij de juiste materialen en onderdelen om mee te starten.

Een aantal jaar gelden werkte ik voor een bedrijf waar ik met mijn R&D collega’s graag de stap wilden gaan zetten om recyclede kunststoffen toe te gaan passen. Na wat overtuigingskracht was het management akkoord dat we een onderzoek zouden doen naar de mogelijkheden voor de nieuw te ontwikkelen accessoires. Wat toen heel slim leek, beginnen bij accessoires, een eenvoudiger product, nieuw, met ontwerpvrijheid en kleinere oplages. Was achteraf gezien niet de beste keuze.

Want ondanks dat het om accessoires ging hadden we te maken met hoge mechanische eisen, waren het ook voor 95% zichtdelen. En golden er “food safe” eisen voor de minder belastbare onderdelen. Alle ingrediënten die het slagen van dit onderzoek een nog grotere uitdaging maakte.

“Als ik toen de kennis en inzichten van nu had, en mezelf onderstaande tips had kunnen geven, weet ik zeker dat de uitkomt anders was geweest. Want het succes begint bij een weloverwogen keuze met welke materialen onderdelen je begint.”

Tip 1. Inventariseer de kunststoffen die je gebruik

Begin met de inventarisatie van de kunststoffen die je gebruikt binnen jouw bedrijf. Dus maak een lijst van welke soorten kunststoffen (of materialen als je het nog breder wil bekijken) en hoeveelheden er in jouw product(en) gebruikt wordt. Maak hier ook een onderscheid in soorten kunststof, met en zonder vulstoffen als glasvezel of kalk enz.

Vanuit deze lijst bepaal je met de volgende aandachtspunten welke kunststoffen interessant zijn om mee te beginnen.

Tip 2. Kies voor de kunststoffen met groot volume

De kunststoffen met grootste volume leveren jou als bedrijf de meeste impact. Maar dat is niet de enige reden om hiervoor te kiezen. Want waar ik eigenlijk op doel, focus op kuststoffen die in het algemeen veel gebruikt worden, deze worden ook veel ingezameld en gerecycled. Zij hebben daarmee een goede beschikbaarheid.

Als bedrijf wil je constante aanvoer van materiaal garanderen, het is daarom strategische slim om je in eerste te focussen op groepen kunststof met deze goede beschikbaarheid.

Dit geldt ook als je de materialen uit eigen producten opnieuw wilt gebruiken. De uitdaging waar (kleine) bedrijven vaak tegen aanlopen is dat ze niet genoeg volume hebben om hun materiaal te recyclen. En zelf hun retourstromen moeten opslaan en soms jaren moeten wachten voor ze een eerste versie van recyclaat* kunnen maken. Ik ken bedrijven die om deze reden kiezen voor een samenwerken met hun concurrent, om zo de benodigde volumes te creëren. Want vaak is het materiaal dat jij veel gebruik in jouw sector ook het meest gebruikt.

* Recyclaat is een grondstof gemaakt van recyclede kunststof rest- en “afval”stromen.

Tip 3. Focus op niet zichtbare en donkere onderdelen

Transparante, hoogglans, food safe en toepassingen met hoge mechanische eisen is op dit moment nog lastig met recyclaat.

Voor food safe geldt dat de materialen uit een goed gecontroleerde kringloop van alleen foodpsave materiaalstromen moet komen. Denk hierbij aan als het petflessen inzamelsysteem. PET is dan ook een van de weinige materialen die in een recyclede food safe versie te verkrijgen is.

Het recyclaat dat een lichte kleur moet krijgen of hogere visuele eigenschappen nodig heeft, moet schoner en altijd lichter dan de gewenste eindkleur zijn. Dit maakt de beschikbaarheid minder en kostbaarder.

Dus je maakt het jezelf makkelijker om te starten met niet zichtbare of donkere onderdelen.

Ga je met zichtdelen aan de slag, kies dan voor een zijdeglas of matte finish. Het toepassen van een lichte oppervlaktestructuur is een trucje eventuele oneffenheden in het materiaal te camoufleren.

Ga je duurzaamheid als USP inzetten, dan kun je deze oneffenheden ook juist als uniek en herkenbaar in zetten.

Tip 4. Kies voor producten zonder strikte introductie datum

Voor veel bedrijven geld dat ze bij de ontwikkeling van nieuwe producten gebonden zijn aan een strikte introductie datum. De ervaring leert dat recylclaat door vervuiling nog wel eens wat anders kan reageren dan dat je gewend bent met virgin materiaal. Testen van matrijzen en onderdelen op de kritische eisen vraagt dan ook om extra aandacht.

En dat kan de introductie datum in het geding brengen en dus een extra projectrisico opleveren.

Bestaande producten hebben dit niet, dus in sommige gevallen kan het handig zijn om ervoor te kiezen om gedurende het leven cyclus onderdelen te vervangen door recyclaat.

Ook heb ik meegemaakt dat een bedrijf er voor koos, om na 3 jaar nadat de matrijskosten waren terugverdiend over te gaan naar recyclaat. Zij zaten in een situatie dat recyclaat duurder was dan virgin materiaal en een hoge druk op de kostprijs. Nadat de investering van de matrijzen waren terugverdiend was er ruimte binnen de kostprijs. En op deze manier werd voldoende draagvlak verkregen binnen het bedrijf om de overstap te maken.

Tip 5. Betrek vroegtijdig je leverancier en gebruik hun expertise

Als bedrijf weet jij aan welke eisen jouw product moet voldoen. De leverancier weet wat zijn materialen kunnen. Veel leveranciers bieden standaard blends aan van veel gebruikte materialen. Maar kunnen ook klant specifieke blends maken, die afgestemd zijn op jouw eisen. Ben je op zoek naar een leverancier dan kan het handig zijn om een Eucertplast gecertificeerde verwerker te kiezen. Deze bedrijven zijn gecertificeerd en staan garant voor betrouwbaarheid en een hoogstaand recyclingproces. Op hun site hebben ze meteen een overzicht met verwerkers en welke kunststof types ze aanbieden.

Ik hoop dat je naar het lezen van dit blog zelf aan de slag gaat met recyclaat. Als je nog vragen hebt neem dan vooral contact op.

Posted 23 April 2021


Zou jij je product willen laten repareren?

Zou jij je product willen laten repareren?

Als product ontwerper is het eerste wat ik doe als iets stuk gaat het product open maken en bekijken of ik deze zelf kan repareren. Zo werkte afgelopen week het scrollwieltje van mijn 1,5 jaar oude Trust GTX 140 muis niet meer, aanschaf prijs 45 euro, dus niet de goedkoopste. Na het verwijderen van ‘glij-stickers’ was ik blij verrast dat ik de muis kon openschroeven, wat tegenwoordig niet meer zo vanzelfsprekend is met de introductie van de klikvinger constructies die lastig los te halen zijn.

Zelf had ik nog de hoop dat de overbrenging of het veertje los gegaan was maar niets was minder waar. Het plastic pinnetje van 1,6 mm doorsnede, waarlangs het wieltje draait, was afgebroken.

Op dat moment denk ik bij mezelf: “waarom is het overbrengingspinnetje van het wieltje wat ik het meest gebruik, scrollen en zijdelings klikken, zo fragiel ontworpen”. Als ik naar de constructie kijk had dit makkelijk het dubbele zo’n 3.5 mm kunnen zijn.

Ontwerpen voor onderhoud en reparatie!

Ik naar de trust website, zou ik het wieltje kunnen nabestellen? Het kopje spare part gaf nog even hoop maar helaas, voor mijn muis was niets beschikbaar.

Hoe mooi zou het zijn als er wel reserve onderdelen beschikbaar zijn? Dat wij al onze producten zouden kunnen (laten) repareren? Zou jij dit doen?

Ik wel, ik zou heel blij zijn dat ik mijn 1,5 jaar oude muis niet zou hoeven af te danken, wetende dat deze voor het grootste deel in de verbrandingsoven terecht komt. PS: zelf ga ik toch nog even kijken of ik het wieltje kan 3D printen, maar die optie heeft natuurlijk niet iedereen.

In de circulaire economie houden wij hier rekening mee, willen we producten en materialen zo lang mogelijk gebruiken. Een van de ontwerp strategieën is “ontwerpen voor gemak van onderhoud en reparatie”

De ontwerp strategie die naar mijn mening vanzelfsprekend moet worden bij elk product dat nieuw ontworpen wordt.


Rethink van je visitekaartje, toegevoegde waarde ++

Je eigen bedrijf, identiteit, website, logo en ja dan de vraag een visitekaartje? Je gebruikt tegenwoordig toch gewoon je smartphone en LinkedIn om contactgegevens uit te wisselen? Waarom iets produceren wat overbodig is, zonde van grondstoffen en zo niet duurzaam!

Maar toch heb ik de afgelopen maanden op netwerkevents en beurzen nog vele kaartjes in ontvangst mogen nemen. Zijn deze mensen gewoon oudbollig of voegt het wat anders toe? Elke keer uitleggen, nee ik heb geen kaartje, omdat ik het zonde van grondstoffen vind, is een goed statement. Maar geeft ook negatief signaal af, en wel dat de ander niet goed bezig is. Dat is feitelijk ook zo, maar inspireren werkt beter dan met het vingertje wijzen. Een positief v.s. negatief gevoel, hoe wil ik dat mensen de ontmoeting met mij onthouden?

De persoonlijke touch en identiteit

“Met een goed visitekaartje wissel je niet alleen gegevens uit. Het bied je een mogelijkheid om op een persoonlijke manier te connecten. En die persoonlijke touch is juist waarom een goed visitekaartje voorlopig niet vervangen wordt door een digitale netwerktool. Het is de menselijke factor die het visitekaartje in leven houdt.
Als je het goed doet, maak je van je visitekaartje meer dan een papiertje dat in de prullenbak belandt, een verlengstuk van je identiteit.”
Dit las ik laatst in een blog en dat heeft mij aan het denken gezet. De toegevoegde waarde is dus wel degelijk aanwezig, persoonlijk contact en een moment om mijn identiteit te laten zien. Maar hoe maak ik van het visitekaartje meer dan het papiertje wat in de prullenbak beland?

Let’s grow together!

Zo kwam ik uit bij Growpaper, een uniek papier, gerecycled, volledig biologisch afbreekbaar en bedrukt met natuurlijke inkt. En het mooiste van alles, ze hebben zaden toegevoegd, zodat je het kaartje na gebruik in een potje of tuin kan planten. Het geeft mijn visitekaartje naast een unieke look ook een 2e leven als mooie bloemen. Waar naast de ontvanger ook de bijen en vlinders van kunnen genieten.
Een klein voorbeeld van de circulaire ontwerpstrategie rethinkt, herontwerpen van linair product op een circulaire manier. Het visitekaartje wordt nu meer dan alleen het delen van contactgegevens, en het maken van persoonlijk contact, het worden bloemen voor bijen en vlinders, en de bloemen worden compost die in de aarde komt. Ik zou zeggen van ” twijfelachtige” waarde naar toegevoegde waarde ++

Posted 9 juli 2019